Harmonisch mineur
Harmonisch mineur verhoogt trap 7 van natuurlijk mineur. Daardoor ontstaat een leidtoon, wordt het kleine v-akkoord een groot V of V7 en krijg je een overmatige secunde tussen trap 6 en 7. Bouw de reeks en volg die ene gewijzigde noot door de akkoorden.
- 1-2-♭3-4-5-♭6-7
- verhoogde leidtoon
- groot V-akkoord
In welke stijlen?
- Klassiek
- Jazz
- Metal
- Popmuziek
- Filmmuziek
Hoe bouw je harmonisch mineur?
Begin met natuurlijk mineur en verhoog trap 7 een halve toon.
A natuurlijk mineur is:
A-B-C-D-E-F-G
A harmonisch mineur is:
A-B-C-D-E-F-Gis
De formule is 1-2-♭3-4-5-♭6-7.
Waarom verhoog je trap 7?
G ligt een hele toon onder A. Verhoog G naar Gis en de zevende trap ligt nog maar een halve toon onder de tonica.
Deze leidtoon kan sterk stapsgewijs oplossen: Gis gaat naar A.
Ook de akkoorden veranderen. E-G-B is E mineur; E-Gis-B is E majeur. Voeg D toe en je krijgt E7, het dominantseptiemakkoord van A mineur.
Hoe lost V7 op naar i?
E7 bestaat uit E-Gis-B-D. Am bestaat uit A-C-E.
Gis stijgt naar A; D daalt vaak naar C. Deze twee bewegingen van een halve toon maken de oplossing goed hoorbaar.
De basgrondtoon E kan een kwint dalen of kwart stijgen naar A. Harmonisch mineur levert zo de tonen voor een duidelijke dominant-tonicacadens.
Wat is de overmatige secunde?
Trap 6 en 7 van A harmonisch mineur zijn F en Gis.
Er zitten drie halve tonen tussen, maar de letternamen F en G liggen naast elkaar. Daarom heet dit interval een overmatige secunde.
Op een gelijkzwevende piano klinkt het even ver als een kleine terts, maar de schrijfwijze laat twee opeenvolgende toonladdertrappen zien. Het is geen kleine sext; die beslaat acht halve tonen en zes letternamen.
Welke drieklanken ontstaan?
Stapel tertsen met alleen tonen uit A harmonisch mineur:
- i: A mineur
- ii verminderd: B-D-F
- III overmatig: C-E-Gis
- iv: D mineur
- V: E majeur
- VI: F majeur
- vii verminderd: Gis-B-D
Het grote V-akkoord en verminderde vii bevatten allebei de leidtoon Gis.
Welke septiemakkoorden ontstaan?
Voeg nog een terts toe:
- i mineur-majeur 7: A-C-E-Gis
- ii halfverminderd 7: B-D-F-A
- III overmatig groot septiem: C-E-Gis-B
- iv mineur 7: D-F-A-C
- V7: E-Gis-B-D
- VI groot septiem: F-A-C-E
- vii verminderd 7: Gis-B-D-F
Deze akkoorden verklaren waarom harmonisch mineur belangrijk is in tonale mineurharmonie en jazz.
Blijft een stuk in mineur altijd in deze reeks?
Nee. Tonale mineur combineert vaak natuurlijk, harmonisch en melodisch mineur.
Een dalende melodie kan G gebruiken en bij een cadens Gis. De harmonie kan op het ene moment E7 hebben en op het andere een akkoord uit natuurlijk mineur.
Zie de drie vormen als verwante middelen binnen één mineurtoonsoort. Volg de werkelijke noten en stemvoering, niet één vaste lijst voor het hele stuk.
Hoort harmonisch mineur bij één stijl?
De reeks komt in Europese tonale harmonie voor wanneer de dominantfunctie in mineur trap 7 verhoogt.
Je hoort hetzelfde intervalpatroon ook in metal, jazz, pop en filmmuziek. Specifieke muziektradities hebben daarnaast verwante reeksen, stemmingen en melodische gebruiken die niet tot één westerse naam te reduceren zijn.
Benoem liever de formule en muzikale context dan een brede geografische sfeer.
Wat is het verschil met melodisch mineur?
Stijgend melodisch mineur verhoogt trap 6 én 7. A stijgend melodisch mineur is A-B-C-D-E-Fis-Gis.
Harmonisch mineur verhoogt alleen trap 7. De stap F-Gis blijft daardoor een overmatige secunde.
In de klassieke uitleg dalen trap 6 en 7 van melodisch mineur vaak weer. Jazzmelodisch mineur gebruikt meestal de verhoogde sext en septiem in beide richtingen.
Hoe oefen je harmonisch mineur?
Speel A natuurlijk mineur en stop op G. Verhoog alleen die G naar Gis en los op naar A.
Speel dan Em-Am en daarna E7-Am. Zoek G in het eerste dominantakkoord en Gis in het tweede.
Speel tot slot F-Gis-A als melodie. Benoem de overmatige secunde en daarna de kleine secunde.