Tel de noten
Noten tellen is iets wat je oor al met een akkoord kan doen voordat je één akkoordnaam kent. Twee, drie, vier of vijf? Heb je dat aantal, dan weet je al veel meer over wat je hoorde.
- twee tot vijf noten
- geen akkoordnamen nodig
- hoor elke noot achteraf apart
Lees eerst
Je hoort een akkoord en telt hoeveel tonen erin zitten, van twee tot vijf. Je hoeft het akkoord niet te benoemen, dus je kunt beginnen zonder akkoordsymbolen te kennen.
Wat vraagt de oefening?
Je hoort een akkoord en kiest hoeveel noten erin klinken. Meer niet. Ook later blijft dit nuttig: een dichte ligging met vijf noten kan als drie klinken als je niet naar de afzonderlijke lagen luistert.
Welke aantallen kun je oefenen?
Twee noten vormen een interval. Met drie kun je een drieklank of susakkoord horen. Vier klinkende noten kunnen een septiemakkoord of een akkoord met toevoeging vormen; bij vijf wordt de klank nog voller. Zet aantallen zelf aan of uit. Begin met het duidelijke verschil tussen twee en vier, en vergelijk later twee met drie.
Hoe geef je antwoord?
Er zijn vier knoppen: 2, 3, 4 en 5. Het akkoord klinkt twee keer voordat je kunt kiezen. Zo krijg je automatisch een tweede luisterbeurt.
Wanneer eindigt een ronde?
Na tien vragen, twintig vragen of pas wanneer jij stopt. Hier hoef je geen reeks goede antwoorden te bewaken.
Wat gebeurt er bij een fout antwoord?
Het akkoord klinkt daarna noot voor noot. Een teller loopt mee en de bijbehorende toetsen lichten een voor een op. Dat terugluisteren is de uitleg. Tijdens de vraag blijft het keyboard donker; anders zou je het antwoord al kunnen zien.